Project meermin.

Door Hubert Christiaan (Bert) Knispel

Over een zeemeermin van meer dan zeshonderd jaar

Al zeshonderd jaar spartelt de Meermin van Holland, ook wel de Meermin van Edam, het Groene Wijf of het Purmerzeewijf genoemd, door de Nederlandse cultuurgeschiedenis. In de loop van de eeuwen werd er heel veel over haar geschreven.

 De Late Middeleeuwen: de oorsprong

De eerste schrijver was een monnik aan het hof van Graaf Willem VI, vader van de bekende gravin Jacoba van Beieren. Daarop volgde de abt van het Haarlems Karmelieter klooster Joannes Gerbrandis a Leydis en er zouden nog vele schrijvers volgen: historici, natuurkundigen, filosofen, dokters en predikanten.

 De meerminmythe in de Zeventiende Eeuw

In de Zeventiende Eeuw kwam het verhaal pas goed los: vele geletterde heren schreven over haar. Onder hen Joost van den Vondel en Jacob Cats en de een wist het nog beter dan de ander. In deze tijd voegden wetenschappers aan de ‘Naturalis Historiae’ een uitgebreide verhandeling toe over het feit dat er in Holland in 1403 een echte zeemeermin was gevangen.

Een serie schilderijen

Inmiddels ben ik  al meer dan twintig jaar bezig met dit onderwerp en heb er door de tijd een serie schilderijen van gemaakt. Ze zijn geschilderd in de stijl van de Zeventiende Eeuw omdat de legende toen op zijn hoogtepunt was.

Boek

Een platenboek vol met bijzondere verhalen, wetenswaardigheden en anekdotes. Er doen nog steeds allerlei verhalen de ronde over dit zeewijf. Vaak  hoor je mensen over dit onderwerp praten zonder enige kennis van zaken. In dit boek komen alle feiten, wetenswaardigheden en verhalen bij elkaar en dat zijn er heel wat. Het wordt een full-colour platenboek van zo’n 220 pagina’s met heel veel beeldmateriaal dat ik door de jaren heen heb verzameld. En natuurlijk  afbeeldingen van de schilderijen en nog veel meer. De tekst en het ontwerp zijn klaar. Op dit moment ben ik druk in de weer met de grafische vormgeving en ben ik op zoek naar mogelijke uitgevers.

Mocht u geïnteresseerd zijn en wilt u het boek bestellen, dan kunt u een mail sturen naar info@bertknispel.nl, dan komt u op een intekenlijst.

Nederlandse cultuurgeschiedenis

Tegenwoordig is het verhaal van de meermin nauwelijks bekend maar de hele achttiende eeuw stond het achterin de Enkhuizer Almanak en eeuwenlang in de ‘Naturalis Historiae’ van de vermaarde natuurkundige Plinius. Daarom hoort het bij een stukje Nederlandse cultuurgeschiedenis. Het boek bevat veel informatie voor mensen die geïnteresseerd zijn in kunst en cultuur, historische verhalen en legendes. Hoe we het toch maar mooi hebben gefikst in dat kleine landje achter de dijken. Het verhaal heeft vele bronnen: o.a. de Koninklijke Bibliotheek, het Rijksmuseum, het Hoogheemraadschap enz.

Expositie

De schilderijenserie met al het verwante beeldmateriaal vraagt om een tentoonstelling. Die is dan ook de afgelopen jaren gemaakt en kan nu als reizende expositie naar tal van tentoonstellingsruimtes. Het boek zal dan o.a. tijdens de expositie worden aangeboden. Op dit moment ben ik in contact met een aantal musea die deze expositie onder hun dak een plaats willen geven. Zodra er meer bekend is, zal dat op deze website en andere media worden aangekondigd.

Puzzels

Een serie kleurrijke puzzels vol met leuke en grappige details over dit bijzondere verhaal. In de puzzeldozen is een kleine brochure bijgesloten waarin het verhaal beknopt wordt verteld. Het zal gaan om 9 verschillende puzzels. Op dit moment ben ik bezig met een uitgever die hoopt de puzzels in juli dit jaar in productie te nemen. De Puzzels zullen dan ook niet verschijnen onder de overkoepelende naam Artimare zoals op de hier afgebeelde foto.

Mocht u geïnteresseerd zijn en wilt u een puzzel bestellen, dan kunt u een mail sturen naar info@bertknispel.nl, dan komt u op een intekenlijst.

De meermin van  Holland

Ook wel de Meermin van Holland, de Purmer zeemeermin, het Purmerzeewijf, het groene wijf, de meermin van Edam of de meermin van Haarlem genoemd.

Al zeshonderd jaar spartelt deze meermin door de Nederlandse cultuurgeschiedenis, dit bijzondere verhaal is nooit echt in de vergetelheid geraakt. In de zeventiende Eeuw, toen het bestaan van creaturen als meerminnen heel serieus werd genomen, werd deze meermin graag aangevoerd als bewijs van de waarheid hiervan. Het verhaal ging tot in Duitsland en Frankrijk en zelfs in Amerika was deze meermin bekend. Door de eeuwen heen hebben gerespecteerde heren  over haar geschreven. De eerste was de prior van het Karmelieter klooster in Haarlem Joannes Gerbrandis a Leydis omstreeks 1470, die haar beschreef als een ‘indomita mulier’ (het oorspronkelijke verhaal is in het latijn geschreven). Hij had navolging van historici, natuurkundigen, filosofen, dokters en predikanten.

Rond 1448 werd in Nederland de boekdrukkunst uitgevonden (herontdekt), tussen 1500 en 1610 kwam die een beetje op gang maar in de Gouden Eeuw ging men pas echt in grotere oplagen drukken zodat het verhaal zich beter kon verspreiden. De wetenschap kwam opgang en Nederland opende in Leiden zijn eerste universiteit (1575). Maar vóór die tijd, omstreeks 1517, had Cornelis Aurelius, een vriend van Erasmus, aan het originele Latijnse verhaal al drie toevoegingen gedaan en rond 1550 schreef de humanist Hadrianus Junius, stadsgeneesheer van Haarlem en lijfarts van Willem van Oranje, uitgebreid over deze meermin. De verhalen worden steeds vermakelijker, bij de een zucht ze als een groen zeemonster en bij de ander huilt ze als een hond en zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Rond 1620, in de Gouden Eeuw, ging het pas goed los: vele geletterde, zichzelf respecterende heren schreven over haar. En de een wist het nog beter dan de ander.  Vooral toen enkele Nederlandse natuurkundigen het verhaal toevoegden aan het beroemde boek van Plinius: Naturalis Historia.

Plinius de oudere leefde ± 70 n.chr. en was een beroemd romeinse natuurkundige. Zijn werk werd altijd, als het over het ontstaan van de wereld, ging als het standaardwerk gezien. In zijn boek heeft Plinius het in het vijfde deel over de vissen. Hier voert hij tritons, zeemeermannen en zeemeerminnen die met andere zeemonsters in de oceanen zouden leven ten tonele. Hier werd het verhaal van de meermin van Holland ingevoegd. Er zijn prachtige geïllustreerde versies van zijn werk uit de middeleeuwen. Toen in het begin van de gouden eeuw werd de meermin onder invloed van dit boek pas echt een zeemeermin. Zie illustratie. En dat zou voortduren tot de tijd van de ‘verlichting’. Na 1770 verscheen dit boek met deze zeemeermin niet meer. Wel stond het nog de hele achttiende eeuw achter in de Enkhuizer of Stichters Almanak. Hierna werd het verhaal alleen nog verteld als volksverhaal in allerlei sages. Het verhaal over deze zes eeuwen oude legende schetst een beeld van Nederland door de eeuwen heen en heeft alles te maken met Kunst, cultuurhistorie, vaderlandse geschiedenis, communicatie, literatuurgeschiedenis, de strijd van Nederland tegen het water en natuurhistorie.

Het beknopte, originele verhaal van de Meermin van Holland.

In 1403 spoelde er na een dijkdoorbraak een wild en ongetemd wijf uit de Zuiderzee het Purmermeer in. Geruime tijd verbleef ze daar ‘slapende ende wakende ende si sochte haer aes ende cost in die gront vant water’. Ze bleef heen en weer zwemmen maar kon de opening niet meer terugvinden, ze was gevangen. Twee melkmeisjes die ’s morgens vroeg de koeien gingen melken, hadden ‘dit wijf dicwils drivende ende swemmende’ gezien. Ze vingen haar en namen haar mee naar Edam. Daar werd ze uitgebreid gewassen want ze was ‘heel naect van lichaem, sonder clederen an te hebben’, maar behangen met een waterige materie, ‘slijm al ruych bewassen’. Ze werd gekleed en ze begon ‘onse spise te eten, mer nochtans was si altijt naerstich ende dair op uut om weder int water te wesen, mer si worde te seer nau bewaert’. Haar taal verstond men niet en ‘si verstont die onse niet’. Het gerucht verspreidde zich en uit vele vreemde landen kwam veel volk om dit wijf te zien. Toen de Regenten van Haarlem van haar bestaan hoorden, eisten ze haar op en moest ze uitgeleverd worden aan de hoofdstad. In Haarlem leerde ze spinnen en leefde daar nog een aantal jaren. Omdat ze ‘dicwils dat heylighe cruyce eer ende reverencie dede, worde si opt kerchof begraven’. Het eindigt met de nadrukkelijke mededeling dat dit verslag afkomstig is van zeer geachte en waarachtige oude mannen, die de vrouw in Haarlem met eigen ogen hebben gezien.

Click edit button to change this text.